Epicurus

Advertenties

Het probleem van de islamitische eer

 

Door Dilan Yesilgoz

Maak de culturele component van ‘Keulen’ bespreekbaar.

Wat in Duitsland gebeurde , de massale aanranding van niet islamitische Duitse vrouwen op nieuwjaarsnacht 2017 in Keulen, voltrekt zich in andere vorm en op andere schaal al decennia onder onze neus.

‘Hachouma!’ riep het driejarige meisje verschrikt naar mij. Ik had het dochtertje van mijn Marokkaans-Nederlandse kennis een liefkozende tik op haar billen gegeven toen ze langs mij liep. ‘Hachouma!’ riep ze nog een keer, terwijl ze mij nu boos aankeek.

‘Wat zegt ze?’ vroeg ik mijn kennis. ‘Hachouma, je mag niet aan haar billen komen, dat is niet fatsoenlijk,’ antwoordde de moeder van het meisje met een trotse blik in haar ogen.

Nu, ruim tien jaar later, moet ik weer aan dit voorval denken. Na de massa-aanranding in Keulen, waarbij de verdachten afkomstig zijn uit Noord-Afrika, Irak, Syrië en Afghanistan, staat de vraag centraal of cultuur bij (seksueel) geweld jegens vrouwen een rol speelt.

Een aanranding op deze schaal verdient immers een nadere blik op de dadergroep. Wat is het profiel, wat hebben deze mensen gemeen, wat bewoog ze om zoiets verschrikkelijks te doen?

Drogredenen

De drogredenen vliegen ons om de oren. Cultuur zou geen enkele rol spelen, immers ‘blanke mannen randen ook vrouwen aan’. Of mensen zeggen er openlijk liever niet over te praten uit angst om Geert Wilders munitie te geven.

Ook veelgehoord is de stelling: ‘Grenzen dicht voor asielzoekers, daarmee pakken we het probleem aan.’ Elk hier genoemd argument is gefundeerd op onderbuikgevoelens en emotie. Met een degelijke analyse hebben de redeneringen weinig te maken.

Het Amsterdamse VVD-raadslid Dilan Yesilgöz (38) is van de pittige meningen, ook over ‘Keulen’. Ze waardeert echte vluchtelingen. Die zijn helemaal niet zielig, juist sterk. Lees het interview >

Voor de beantwoording van de vraag of cultuur een relatie heeft met (seksueel) geweld, maakt het primair niet uit of de daders van de aanrandingen in Keulen asielzoekers waren of migranten van Arabische en Noord-Afrikaanse afkomst.

Hun verwerpelijke gedrag is te herleiden tot het begrip ‘eer’, dat een centrale rol speelt in al deze culturen. De massa-aanrandingen zijn daarmee, met de informatie die we nu hebben, cultuurgerelateerd en illustratief voor een groot probleem dat al decennia leeft in onze samenleving.

Kuisheid

Een letterlijke vertaling van wat de peuter mij tien jaar geleden toewierp, is lastig te geven. Hachouma in het Arabisch, ayip in het Turks – ‘schaamte’ en ‘kuisheid’ komen het dichtstbij.

Het is een fatsoenscode die bestaat uit ontelbare gewoontes en gebruiken gericht op het beschermen van de kuisheid van de vrouw, wat op jonge leeftijd al wordt ingevuld. De eer van een vrouw is gekoppeld aan haar kuisheid en de eer van de man aan het hebben van kuise vrouwelijke familieleden.

De kuisheid van de vrouw kent gradaties, maar de belangrijkste maatstaf is hoe de gemeenschap over een vrouw oordeelt. Een roddel kan al reden zijn voor verstoting, of erger.

Eerverlies

Per groep of gemeenschap gelden hiervoor verschillende normen en regels. Gezien worden met een man die niet tot de familie behoort, kan eerverlies tot gevolg hebben, maar dat kan ook al na roken op straat of ‘te bloot’ gekleed gaan. De beoordeling door de omgeving gebeurt continu.

Als een vrouw zich niet aan de gedragscodes houdt, schendt zij de familie-eer en daarmee de eer van de mannelijke leden van haar familie. De mannen in de familie moeten optreden tegen deze vrouw om hun positie en status binnen de gemeenschap te behouden of te herstellen. Niet zelden worden de mannen hiertoe ook aangemoedigd door andere vrouwelijk leden.

Homoseksualiteit

Eerherstel kan op verschillende manieren gebeuren. Eerwraak, of eermoord, is het uiterste middel om de familie-eer te herstellen. Jaarlijks zijn er honderden meldingen van eerwraak, in 2013 werden in Nederland twintig mensen vermoord met dit motief. De slachtoffers zijn niet altijd vrouw. Homoseksualiteit wordt bijvoorbeeld ook gezien als eerschending.

Eergerelateerd geweld is de overkoepelende term voor alle vormen van dwang, psychisch en fysiek geweld ten behoeve van eerbescherming of eerherstel. Denk aan niet mee mogen op schoolkamp als meisje, of nergens naartoe mogen zonder begeleiding van een oudere broer, onder dwang geïsoleerd leven, gedwongen worden uitgehuwelijkt, achterlating, et cetera.

Deze zaken komen op grote schaal voor in Nederland, maar slechts een paar dappere strijders verzetten zich ertegen. Voor de rest is wegkijken altijd een comfortabele optie geweest. ‘Keulen’ kan dit, hoop ik, veranderen.

Korte rokjes

Want de fatsoenscode werkt ook de andere kant op. Een vrouw die zich niet fatsoenlijk gedraagt, dus die zich bijvoorbeeld mooi opmaakt, korte rokjes draagt, zich vrij beweegt in de buurt van mannen of alcohol drinkt, kent geen eer. Dat heet ‘Namussuz’ in het Turks, overigens een veel gebruikt scheldwoord, ook in Nederland.

En een vrouw zonder eer, is een vrouw voor het grijpen. Zeker als zij niet behoort tot de directe omgeving van de betreffende man(nen). Dus als een vrouw midden in de nacht op een druk plein vol mannen feest staat te vieren, is zij vrij weinig waard – of zij nou een Duitse, een Marokkaanse of een Syrische is. Een fatsoenlijk meisje is ze in elk geval niet.

Een Keulse imam gaf onlangs aan dat de aanrandingen in zijn stad de schuld waren van de vrouwen zelf. Immers, ‘ze waren halfnaakt en hadden parfum op’. We reageerden allen geschokt, maar in feite worden meisjes en vrouwen al decennia, ook in ons land, onderdrukt, klein gehouden en mishandeld met dergelijke verwerpelijke codes en de bijbehorende consequenties bij schending ervan.

Potentiële verkrachter

Wat precies is gebeurd in Keulen, moet nog blijken. Maar gezien het profiel van de verdachten en de (deels anonieme) verklaringen van de politie, is het zeer reëel om te stellen dat de massa-aanranding een belangrijke culturele component kent.

Let op: op geen enkele wijze kan daarmee worden gezegd dat iedere man die leeft bij strenge erecodes een potentiële verkrachter is. Dat zou onjuist zijn. Maar laten we niet doen alsof we geen flauw idee hebben van wat in Duitsland gebeurde, terwijl het al decennia onder onze neus gebeurt, zij het in andere vormen en op andere schaal.

Wegkijken mag niet meer. Dit moet bespreekbaar worden gemaakt, opdat geen enkel meisje van drie meer weet wat ‘hachouma’ betekent en geen vrouw meer slachtoffer wordt.

De Inca’s

Geofferde Incakinderen hadden veel drugs gebruikt

Uit analyses van haarmonsters blijkt dat de jonge slachtoffers van rituele Inca-offers in de laatste jaren van hun leven veel coca en alcohol gebruikten.

Drie Incamummies die werden ontdekt onder de hoge top van de vulkaan Llullaillaco in Argentinië zijn dusdanig goed bewaard gebleven dat ze de slachtoffers van het oeroude ritueel capacocha een menselijk gezicht kunnen geven.

Uit tests op de lichamen van de 13-jarige ‘Maagd van Llullaillaco’ en haar jongere metgezellen, de ‘Jongen van Llullaillaco’ en het ‘Bliksemmeisje’, is nu gebleken dat geestverruimende substanties een rol speelden in hun dood en in de reeks ceremoniën waarmee ze een jaar lang op hun laatste uren werden voorbereid.

Uit biochemische tests op het haar van de Maagd konden de onderzoekers aflezen wat zij gedurende de laatste twee jaar van haar leven had gegeten en gedronken. De resultaten lijken aan te sluiten op historische verslagen over de uitverkiezing van een select groepje kinderen voor deelname aan een jaar vol heilige ceremoniën, die uitmondde in hun dood. In het haar van de slachtoffers bleven veranderingen in de consumptie van voedsel, coca en alcohol achter.

In de religie van de Inca’s werden volgens de auteurs coca en alcohol gebruikt om een geestverruimende toestand op te roepen die met het goddelijke werd geassocieerd. Maar de substanties moeten ook een praktische rol hebben gehad, doordat ze de jonge slachtoffers op de hoge berghelling desoriënteerden en verdoofden en ze zo gedweeër moeten hebben gemaakt om hun grimmige lot te aanvaarden.

Goed bewaarde geschiedenis

De Maagd en haar jonge metgezellen werden in 1999 ontdekt en zijn in een opmerkelijk goede staat van natuurlijke conservering bewaard gebleven, dankzij de ijskoude omstandigheden op de berg, net onder de 6739 meter hoge top.

“Onder de mummies die in de hele wereld zijn gevonden, is zij denk ik een van de best bewaard gebleven exemplaren, voor zover ze mij bekend zijn,” zei forensisch en archeologisch deskundige Andrew Wilson van de University of Bradford in Groot-Brittannië. “Ze ziet er bijna uit alsof ze pas in slaap is gevallen.”

Het is deze ongelooflijke mate van conservering die het de onderzoekers mogelijk heeft gemaakt het soort analyses uit te voeren waarmee ze – in combinatie met de zeer goede staat van de voorwerpen en gewaden die in het tombeachtige bouwsel zijn aangetroffen – een reconstructie hebben kunnen maken van de gebeurtenissen die zich hier zo’n vijf eeuwen geleden in de ijle lucht hebben afgespeeld.

“Ik denk dat het daardoor des te angstaanjagender is,” zei Wilson. “Dit is geen uitgedroogde mummie of een stel beenderen. Dit is echt een persoon, een kind. En uit de testresultaten van ons onderzoek komen enkele hartverscheurende inzichten over haar laatste maanden en jaren naar voren.”

De laatste dagen

Omdat menselijk haar elke maand met ongeveer een centimeter groeit en daarna niet meer verandert, bevatten de lange vlechten van de Maagd een tijdlijn van markeringen waarin haar dieet is vastgelegd, met inbegrip van de consumptie van substanties als coca en alcohol in de vorm van chicha, een brouwsel dat werd gemaakt van gegiste maïs.

De markeringen laten zien dat ze al een jaar vóór haar uiteindelijke dood was uitverkoren om te worden geofferd, legt Wilson uit. Gedurende die tijd moet haar leven dramatisch zijn veranderd, evenals haar inname van coca en alcohol, substanties die in die tijd geen dagelijkse consumptiegoederen waren. “We vermoeden dat de Maagd een aclla of ‘gekozen vrouw’ was, die rond haar puberteit werd uitverkoren om te worden gescheiden van haar vertrouwde omgeving en onder toezicht van priesteressen te leven,” zei hij. Volgens Wilson werd dit gebruik beschreven in de verslagen van Spanjaarden die aantekeningen maakten van de informatie die ze van de Inca’s over dit soort rituelen hadden gekregen.

In eerdere DNA-tests en chemische analyses, eveneens onder leiding van Wilson, was al gekeken naar veranderingen in de eetgewoonten van de Maagd en was er een opvallende verbetering van haar dieet in het jaar voorafgaande aan haar dood geconstateerd: ze kreeg toegang tot kostbaar en elitair voedsel als maïs en dierlijke proteïnen, mogelijk lamavlees. Nu is duidelijk geworden dat ook het cocagebruik van de Maagd in die periode dramatisch steeg, met pieken rond een jaar voor haar dood en opnieuw een half jaar voor haar dood.

“Deze resultaten sluiten aan op de hypothese dat zij tot dan toe mogelijk een heel gewoon leven had geleid, misschien zelfs als boerenmeisje, maar dat ze een jaar voor haar dood werd uitgekozen, uit haar vertrouwde omgeving en leventje werd weggehaald en in een heel ander bestaan werd geworpen,” zei Wilson. “En dan zien we ook de enorme verandering in de consumptie van coca.”

In haar laatste levensjaar gebruikte de Maagd voortdurend grote hoeveelheden coca, maar opvallend genoeg vond de scherpe stijging in haar alcoholconsumptie pas in de laatste weken voor haar dood plaats.

“We hebben het waarschijnlijk over de laatste zes tot acht weken waarin we die sterk gedrogeerde toestand zien. Ze nam die grote hoeveelheden alcohol hetzij vrijwillig tot zich of werd daartoe gedwongen. Duidelijk is dat ze in haar laatste weken opnieuw in een gedrogeerde staat terechtkwam, waarbij deze chemicaliën, de coca en de chicha-alcohol, bijna op een beheersende manier werden gebruikt in de aanloop naar het uiteindelijke capacocha-ritueel en haar offerdood.”

Op de dag van haar dood kunnen de drugs de Maagd gedweeër hebben gemaakt, waarbij ze in een soort trance werd gebracht of zelfs bewusteloos raakte. Die theorie lijkt aan te sluiten op haar ontspannen, zittende houding binnen in het tombeachtige bouwseltje en op het feit dat de voorwerpen rondom haar en de gevederde hoofdtooi die ze droeg, niet werden verstoord terwijl ze haar laatste adem uitblies. Bij de ontdekking van de mummie in 1999 werden in haar mond voorgekauwde cocabladeren gevonden.

Bij de jongere kinderen werd een lager gebruik aan coca en alcohol gevonden, mogelijk als gevolg van de lagere status die ze in het ritueel innamen of met het oog op hun leeftijd en lengte. “Misschien was er bij een ouder kind meer noodzaak om de Maagd in een staat van verdoving te brengen,” aldus Wilson.

Andere vindplaatsen die wijzen op het gebruik van het capacocha-ritueel, vertonen tekenen van geweld, zoals schedelbreuken, maar deze kinderen lijken vredig te zijn ingeslapen. “Of ze hadden het mechanisme voor het brengen van dit soort offers geperfectioneerd, of deze kinderen aanvaardden hun lot veel kalmer,” legde Wilson uit.

Officiële offers

Volgens Kelly Knudson, een archeologisch chemicus van de Arizona State University die niet bij dit onderzoek was betrokken, laat deze fascinerende studie zien hoe archeologische wetenschap ons kan helpen bij het verkrijgen van meer inzicht in de persoonlijke details van mensen en in de samenlevingen waarin ze leefden.

“Het is zeer interessant dat we die toename in de consumptie van alcohol en coca zien, wat betreft de capacocha-offers en het leven dat ze voorafgaand aan hun dood leidden, en met betrekking tot het inzicht in controle en dwang bij de Inca’s,” zei Knudson.

Het systeem van controle waarmee deze kinderen naar een afgelegen en extreem hoge bergtop werden gevoerd, heeft alle kenmerken van een officiële rite die door de hoogste gelederen van de samenleving werd georganiseerd, zo stellen de auteurs, en het ritueel kan onderdeel zijn geweest van de militaire en politieke expansie van het in Cuzco zetelende Incarijk, kort voor de komst van de Spanjaarden.

“Het soort logistieke ondersteuning dat nodig is om op deze hoogte te werken, is aanzienlijk,” zei Wilson. “En we hebben het hier over bewijzen voor ondersteuning op keizerlijk niveau. Er zijn voorwerpen en gewaden gevonden die zeer elitair en verfijnd waren en feitelijk uit alle vier de windstreken van het Incarijk stamden.”

Tot deze voorwerpen behoren figuurtjes gemaakt van de schelpen van de stekeloester uit de kustgebieden en gevederde hoofdtooien uit het Amazonebekken. Ook de fraai vervaardigde beeldjes van goud en zilver, gehuld in fijn geweven miniatuurkleding, waren alleen beschikbaar voor de hoogste kringen van de samenleving. “Ik denk dat het geheel blijk geeft van hun status en van de symboliek dat dit ritueel onder auspiciën van de hoogste autoriteit plaatsvond,” zei Wilson verder. Hij en zijn medeauteurs denken dat dit soort offers op meerdere betekenisniveaus een manier kan zijn geweest om sociale controle over grote delen van de veroverde gebieden uit te oefenen.

(Uit een studie die vorig jaar in PloS ONE is verschenen, bleek dat de Maagd ten tijde van haar offerdood aan een longinfectie leed.)

Vroege spaanse verslagen

Johan Reinhard, gastonderzoeker van de National Geographic Society, ontdekte de mummies in 1999 samen met zijn collega Constanza Ceruti van de Universidad Católica de Salta in Argentinië.

Reinhard, tevens medeauteur van het nieuwe onderzoek, zei dat hij vooral benieuwd was naar de vergelijking van de resultaten met wat er in de historische bronnen over dit soort rituelen wordt vermeld. In de kronieken van de eerste Spaanse ontdekkingsreizigers in de Nieuwe Wereld “staat beschreven hoe deze ceremonieën plaatsvonden, maar het waren geen verslagen uit de eerste hand; geen enkele Spanjaard is zelf ooggetuige van deze rituelen geweest,” zei Reinhard. “Ze waren afhankelijk van wat de Inca’s hen over de ceremoniën vertelden.”

(Zo schreef Juan de Betanzoshalverwege de zestiende eeuw over het wijdverbreide gebruik van kinderoffers, waarbij soms wel duizend slachtoffers werden gedood, en verwees hij naar de getuigenis van zijn vrouw, die eerder met niemand minder dan de Incakeizer Atahualpa verloofd was geweest.)

De nieuwe resultaten lijken overeen te komen met de gebeurtenissen die in de kronieken worden beschreven, zei Reinhard. “Plotseling heb je hier een beeld waaraan je bijna kunt zien wat ze doormaakten. Ze krijgen extra veel zorg in de vorm van beter voedsel en coca, dat nauwelijks in het dagelijks leven maar alleen bij ceremoniën werd gebruikt. Deze vorm van extra aandacht die aan de kinderen werd besteed, is precies wat je in de kronieken leest.”

Volgens Reinhard is het bijvoorbeeld niet verrassend dat de Maagd gedurende het jaar vóór haar dood veel meer coca gebruikte, omdat dit ook in de kronieken wordt beschreven.

“Ze hebben het over bedevaarten naar Cuzco en een reeks ceremoniën waarbij de kinderen van de ene stad naar de andere werden gevoerd. Het is denk ik ook interessant dat een periode van een half jaar wordt verbonden aan de grootste piek in het cocagebruik,” zei hij. “Dat halve jaar kan met iets anders te maken gehad hebben, maar een hypothese die zich opdringt, is dat het aansluit op historische beschrijvingen waarin enkele van deze ‘Maagden van de Zon’ in het jaar voorafgaande aan hun dood werden meegenomen naar rituelen rond de zonnewende.”

Tegenwoordig worden de mummies bewaard in het Museo de Arqueología de Alta Montaña(MAAM) in Salta in Argentinië. De mate waarin deze fysieke resten aansluiten op de historische en archeologische bronnen, is fascinerend, zegt Wilson, maar het is ook angstaanjagend dat deze kinderen zelfs na hun dood nog zo herkenbaar menselijk zijn.

“Voor mij is het bijna alsof de kinderen ons nog hun eigen verhaal vertellen,” zei hij. “Het is vooral het haar, dat zo persoonlijk is, dat ons overtuigende inzichten heeft kunnen geven en ons na vijf eeuwen nog een zeer persoonlijke geschiedenis vertelt.”

Het onderzoek verscheen op 29 juli in het vakblad PNAS Early Edition.

bron National Geographic

Over het geloof in de goden

Het geloof in de goden was ook in de Griekse oudheid vanzelfsprekend. In het toneelstuk “de Wolken” (Νεφελαι) van Aristophanes ( 425 v Chr ) komt de volgende scene voor :

Een filosoof genaamd Socrates leidt een school van Sofisten . Op een dag komt een boer langs en vraagt de filosoof de gebruikelijke saaie vragen die gelovigen altijd weer stellen. Bijvoorbeeld als er geen Zeus bestaat , wie brengt dan de regen om deAristophanes_-_Project_Gutenberg_eText_12788 gewassen te laten groeien ? Socrates vraagt de boer om zijn verstand een keertje te gebruiken en maakt hem duidelijk dat als Zeus het kan laten regenen , het ook op wolkeloze dagen zou moeten kunnen regenen. Maar omdat dit duidelijk nooit plaatsvindt , is het wijzer om te denken dat de wolken de reden zijn van regenval. Goed, zegt de boer, maar wie brengt de wolken dan boven een bepaalde plaats ? Dat moet toch zeker Zeus zijn. Nee zeker niet , zegt Socrates , regen ontstaat door winden en warmte. Wel als dat zo is,  antwoordt de boer , waar komt dan de bliksem vandaan om leugenaars en andere zondaars te straffen ?  Socrates legt hem zachtaardig uit dat de bliksem geen onderscheid maakt tussen de goede mensen en de slechte mensen. Het is hem vaak opgevallen dat de bliksem de tempels van Zeus zelf geraakt heeft . Dit argument overtuigt de boer uiteindelijk. Alhoewel deze later zijn ongeloof ontkennen zal , als hij de School van de Sofisten met Socrates erin , in brand steekt en tot de grond toe laat afbranden . Het vrije denken van Socrates paste niet in het beperkte denkkader van de gelovige.

We weten niet of Aristophanes de bekende filosoof en leermeester van Plato bedoeld heeft in zijn stuk.