Afbeelding

1400 jaar islam een chronologie

1400 jaar islamitische geschiedenis geeft je te denken.

Sla de hieronder weergegeven links er maar eens op na.

https://ejbron.wordpress.com/2012/08/16/historie-1400-jaar-islamitische-expansie-islamitisch-imperialisme-en-islamitische-slavenhandel/

https://rythoviaan.wordpress.com/islam-verklaard/

https://themuslimissue.wordpress.com/2012/07/01/islam-and-slavery-india/

th

 

 

 

Wetenschapper Bassam Tibi

Waarom verdedigt Europa zich niet tegen islamisering ?

Door WIERD DUK

Bassam Tibi geniet ervan dat de Leidse universiteit een symposium rond zijn werk organiseert.

Bassam Tibi is niets minder dan een levend monument. Zonder de Syrische geleerde, die op z’n 18e vanuit Damascus de wereld introk, zou de islamologie – de kennis over de (cultuur van de) islam – niet bestaan. Tibi, die meer dan vijftig boeken schreef, is een gelovige moslim, die ongemakkelijke vragen stelt. „Waarom verdedigen de Europeanen zich niet tegen de islamisering? Jullie zijn sukkels.”
Stel Bassam Tibi een vraag en je krijgt niet een antwoord terug, maar een verhaal. Vol vuur vertelt de Duits-Arabische socioloog en politicoloog, op bezoek bij de universiteit van Leiden, over zijn ervaringen. „Ik ben een man uit de Oriënt”, zegt Tibi. „Ik denk in verhalen.”
“Ze sloegen en schopten me totdat ik ze begon toe spreken in het Arabisch en citeerde uit de Koran”
Op zijn 74e is zijn arsenaal aan verhalen schier onuitputtelijk. Zoals de anekdote over die keer in 1993 toen hij tijdens een reis door Noord-Afrika bijna werd vermoord door een agressieve groep radicale moslims. „Die wachtten mij op na een lezing. Ze sloegen en schopten me totdat ik ze begon toe spreken in het Arabisch en citeerde uit de Koran.” Met dramatische handgebaren en in het Arabisch, luid roepend naar de hemel, speelt hij de scène na. Lachend: „Toen waren ze snel verdwenen.”

Haat
Bassam Tibi spreekt vijf talen, hij leefde en werkte in talloze landen, van Afrika en Azië tot de Verenigde Staten, hij adviseerde presidenten en koningen, en hij haalde zich wegens zijn scherpe opinies (’De Duitse staat capituleert voor de islam’) de haat van de politiek-correcte goegemeente op de hals.
Van de kleine Syrische wetenschapper, die met zijn Duitse echtgenote Ursula in Göttingen woont, verscheen afgelopen week het boek Islamisme en islam in Nederlandse vertaling. Rond zijn persoon en werk organiseerde de Universiteit Leiden bovendien een symposium. Al die aandacht doet hem ongetwijfeld deugd. „Ik heb een groot ego”, geeft Tibi toe, met de gulle lach die hem kenmerkt.
“Blonde Duitsers noemen mij – een geelhuidige Aziaat én moslim – een racist”
Niet overal is hij zo geliefd als bij zijn gastheren in Leiden, onder wie ook de rechtsfilosofen Paul Cliteur en Afshin Ellian. In Duitsland, zijn tweede vaderland, wordt Bassam Tibi weggezet als ’islamofoob’ en ’racist’. „Ik krijg daar geen lucht meer”, zegt de islamkenner, die lang aan de universiteit van Göttingen werkte als hoogleraar internationale betrekkingen. „In Duitsland, ooit het land van kritische filosofen, is kritiek op de islam verboden. De wereld staat er op z’n kop. Blonde Duitsers noemen mij – een geelhuidige Aziaat én moslim – een racist. Omdat ik de vluchtelingenpolitiek van Merkel bekritiseer en waarschuw voor de islamisering van Europa. Ach, ze hebben geen idee wat de islam is. En Duitsers kunnen geen maat houden: alles moet er altijd extreem zijn.”

Trauma
Het is Tibi’s trauma: hij houdt van de Duitse taal en van de cultuur, maar niet van de Duitsers. Hij heeft zich door hen nooit geaccepteerd gevoeld. Terwijl hij het nota bene was die in 1998 het veel besproken begrip ’Leitkultur’ (dominante cultuur) muntte. Daarmee doelt Tibi op de noodzakelijkheid van gedeelde waarden in onze westerse samenlevingen: democratie, mensenrechten, de scheiding van kerk en staat onder meer. Alleen als zij deze kernwaarden accepteren kunnen mensen met verschillende achtergronden en religies – óók islamitische immigranten – zich daadwerkelijk ’burger’ voelen. Tibi formuleerde meer internationaal bekend geworden begrippen: ’parallelle samenlevingen’, bijvoorbeeld, en ’euro-islam’.
Over die ’Leitkultur’ en hoe die er in Duitsland uit zou moeten zien – tot en met discussies als ’Bratwurst oder Döner’? – werden in de loop der tijd hevige debatten gevoerd. Maar hoezeer Bassam Tibi zich ook Duits voelde – hij werd in 1976 Duits staatsburger – in de ogen van veel Duitsers bleef hij die ’Syrische immigrant met Duits paspoort’. „Ik heb 31 boeken geschreven in het Duits, ik heb een Duits paspoort, ik spreek beter Duits dan veel Duitsers, ik heb zoveel voor Duitsland gedaan, maar ik word nog altijd als een vreemde behandeld.”
“Ik heb zoveel voor Duitsland gedaan, maar ik word nog altijd als een vreemde behandeld”
Hij keerde telkens terug naar Göttingen voor Ursula, die er niet weg wilde. Maar hij ádemde elders, zegt hij, in de VS vooral, waar Tibi langjarige aanstellingen kreeg aan topuniversiteiten als Harvard, Yale en Berkeley. En ook in een land als Senegal. „De zwarte Senegalezen spraken mij als moslim aan met ’broeder’. Ik voelde mij er meteen opgenomen in hun gemeenschap. In Senegal begreep ik dat een Afrikaanse variant van de islam mogelijk is. Ik dacht: waarom zou dit in Europa niet ook kunnen? Een euro-islam.”
Dat is een van de belangrijkste van Bassam Tibi’s stellingen: verwar de islam niet met het islamisme, dus: verwar de religie niet met de politiek-autoritaire beweging die het islamisme is. Voor Tibi bestaat er wel degelijk een verlichte variant van de islam, die hij aanhangt en die in de loop der tijd ondergesneeuwd is geraakt onder druk van orthodoxe predikers en hun fanatieke volgelingen. Het islamisme met z’n naargeestige totalitaire karakter en z’n nadruk op de jihad (de ’strijd’) en de sharia (de islamitische wet) ziet hij als een moderne perversie, die bestreden moet worden.

Frisse wind
Daarom noemt Tibi de huidige politiek van Oost-Europese landen als Hongarije, Polen en Tsjechië, die moslim-immigratie willen vermijden, een ’frisse wind’. Met die waardering jaagt hij vooral linkse critici tegen zich in het harnas, onder wie de Nederlandse Europarlementariër Judith Sargentini (GroenLinks), die de ontwikkelingen in Oost-Europa scherp bekritiseert. Tibi: „Ik vind dat die landen groot gelijk hebben. Ze verzetten zich tegen de almacht van Duitsland in Europa en tegen de islamisering. Ik ben ook een bewonderaar van de Oostenrijkse kanselier Sebastian Kurz, met wie ik samen een boek heb geschreven. Hij is Angela Merkel veruit de baas. Vorig jaar heeft Kurz veertig imams uitgezet en zeven moskeeën gesloten omdat zij antisemitische propaganda verspreidden. Dat doen weinig politieke leiders hem na.”

“Ik zie dat Europa zelfmoord pleegt. Kijk naar de demografische ontwikkelingen”

Voor de toekomst van Duitsland, maar ook voor die van Nederland, het Verenigd Koninkrijk en Zweden, landen waar kritiek op de islam reflexmatig als ’islamofoob’ wordt weggezet, koestert hij weinig hoop. „Nee, geen enkele. De politiek-correcte terreur was nog nooit zo sterk als nu en dat zal niet snel veranderen. Ik zie dat Europa zelfmoord pleegt. Kijk naar de demografische ontwikkelingen: over een aantal jaren zijn grote delen van Europa overwegend islamitisch. Waarom verdedigen jullie je niet tegen de islamisering? Jullie zijn sukkels.” Tibi hekelt de ’linkse onderwerping’ aan de islam. „Zodra islamisten ’racisme!’ roepen – bij ook maar de geringste kritiek op de islam – krijgen zij steun uit linkse hoek. Maar islamisten zijn nota bene radicaal-rechts! Hoe kunnen linkse partijen hen verdedigen? Het is rationeel bijna niet meer te begrijpen. Maar weet je wat het is? Die linkse mensen haten alles wat westers is en zien in de radicale islam een bondgenoot.”

Crises
Hij praat gepassioneerd, pakt af en toe de hand vast van z’n gesprekspartners en vraagt na afloop of hij geen gekke dingen heeft gezegd. „Ik laat me soms een beetje meeslepen.” Aan de andere kant weet Bassam Tibi, die gepensioneerd is, dat hij op zijn leeftijd niets meer heeft te verliezen.
“Ik ben door enkele serieuze identiteitscrises gegaan”
Hij werkt aan z’n autobiografie, die hij met de hand schrijft en waarvan hij 600 pagina’s af heeft. Daarin komen ook de persoonlijke crises in zijn leven aan bod. „Ik ben door enkele serieuze identiteitscrises gegaan, momenten waarop ik geen idee meer had wie ik was.” Hij ging ervoor in therapie. Tijdens die gesprekken kwam Tibi tot een belangrijk inzicht. „Ik begreep hoe diep de islam in mij zit verankerd.”

Grondlegger van de islamologie

Bassam Tibi (Damascus, 1944) is een Duitse filosoof van Syrische afkomst. Hij wordt gezien als de grondlegger van de islamologie, de wetenschap die de islam en zijn cultuur en sociale omgeving bestudeert. Tibi is een kritische moslim, die waarschuwt voor de gevaren van de radicale islam. Hij introduceerde in 1998 het sindsdien gevleugeld geraakte begrip Leitkultur in het publieke debat in het Westen. Bassam Tibi is auteur van tientallen boeken, waarvan Europa ohne Identität? Die Krise der multikulturellen Gesellschaft’ (1998) een van de bekendste is. Tibi doceerde aan universiteiten in verschillende landen. Zijn boek Islamisme en islam verscheen afgelopen week in Nederlandse vertaling.

Erasmus van Rotterdam

image
Erasmus onderhield een ingewikkelde relatie met zijn geboortegrond. Hij noemde zich bij voorkeur Desiderius Erasmus van Rotterdam, maar liet zich herhaaldelijk negatief uit over de boerse manieren en wansmaak van zijn stad- en landgenoten.

Hij werd waarschijnlijk in 1469 geboren als de bastaardzoon van een priester. Daarmee lag een toekomst als monnik voor de hand. Na zijn opleiding in onder andere een kostschool van de Broeders van het Gemene Leven kwam hij in het augustijner klooster Steyn bij Gouda terecht. Erasmus waardeerde de bibliotheek van het klooster en dompelde zich onder in de klassieke Oudheid via het werk van klassieke auteurs en Italiaanse humanisten. Die laatsten brachten met hun grote geleerdheid en kritische benadering de oudheid dichterbij dan ooit tevoren.

Maar het kloosterleven met zijn strenge regels en verplichtingen benauwde hem. Zijn buitengewone kennis van het Latijn gaf hem de mogelijkheid het klooster te verlaten. Erasmus reisde als zelfstandig geleerde door grote delen van Europa, levend van de opbrengsten van zijn geschriften en de gunsten van een groeiende schare bewonderaars. Via een uitgebreid correspondentienetwerk stond hij in contact met vrienden, gelijkgestemden en informanten. In 1500 schreef Erasmus de Adagia, een van de eerste bestsellers van de nog jonge drukpers. Deze verzameling klassieke spreekwoorden bood de lezer een snelcursus in de humanistische levensstijl en denkwijze. Daarnaast publiceerde hij nog etiquetteboeken, vorstenspiegels, samenspraken en traktaten die heersers en burgers moesten opvoeden tot wijze en verantwoordelijke christenen. Zijn Lof der Zotheid uit 1509 stak de draak met de wijze waarop de mensheid eigenbelang voorop stelt.

Als eerste paste Erasmus de humanistische tekstkritiek toe op christelijke teksten. Hij leerde er speciaal Grieks voor om de werken van de vroege kerkvaders en het Nieuwe Testament in hun oorspronkelijke taal te kunnen lezen. Een reeks van nieuwe kritische edities van vroege christelijke teksten was het resultaat, waaronder een nieuwe uitgave van het Nieuwe Testament in het Grieks met een nieuwe Latijnse vertaling. Met deze Novum Instrumentum nam hij nadrukkelijk afstand van de Vulgata, de officiële kerkelijke vertaling, en verdedigde hij het recht de bijbel kritisch te benaderen met de bedoeling de beleving van het geloof te versterken. Hij hoopte dat iedereen ooit de bijbel zou reciteren – de boer tijdens het ploegen, de wever aan zijn weefgetouw en de reiziger tijdens zijn reizen; zelfs vrouwen moesten de bijbel lezen. Een rustige, sobere devotie, voortkomend uit innerlijke bezinning, dat was zijn ideaal.

In de polarisatie die vanaf 1517 volgde op het optreden van de kerkhervormer Maarten Luther wilde of durfde Erasmus geen keuze maken. Hij was niet bereid met de katholieke kerk te breken en hoopte dat de ontstane verschillen met gezond verstand te overbruggen waren. Het leverde hem kritiek op van beide zijden. In de zomer van 1536 overleed hij, in het woonhuis van zijn Bazelse drukker Froben.