De Inca’s

Het eeuwenoude rijk van de Inca’s strekte zich uit langs de gehele lengte van westelijk Zuid Amerika tot in het huidige Chili. De veroveraar ( conquistador ) Francisco Pizarro veroverde het Inca Rijk na 1532, maar de stad Machu Picchu bleef verborgen tot Hiram Bingham in 1911 deze stad ontdekte in het Peruaanse deel van de Andes.

P1000636

Midden Amerikaanse pre-columbiaanse culturen

De Midden Amerikaanse Maya stad Palenque ( in het huidige Mexico) had haar bloeitijd 13 eeuwen geleden. Na 900 werden andere volken in Midden Amerika dominant : Tolteken, Mixteken en Mexica’s die we kennen als de Azteken. De conquistador Hernan Cortez nam in 1521 de laatste Azteekse keizer Moctezuma gevangen en dat betekende het einde van de eeuwenoude Midden Amerikaanse culturen.

P1000639

P1000640

P1000641

P1000642

P1000643

P1000644

P1000646

P1000647

P1000645

De Specerijenroute

Zijderoute

Toen de handel tussen Europa en het Midden-Oosten toenam na de kruistochten, kwamen de Europese handelaren ook in contact met waren uit het Verre Oosten. Vooral de specerijen uit India en Indonesië vielen erg in de smaak bij de handelslieden. Nadat de zuidelijke doorgang naar de Indische Oceaan bij Kaap de Goede Hoop was ontdekt, groeide de specerijenhandel nog meer.

De verspreiding van de islam in de vroege middeleeuwen verenigde veel volkeren in culturele zin. Het contact tussen Arabië, Perzië en Aziatische moslimlanden als Indonesië en Maleisië verstevigde, waardoor ook de handel toenam. Zo kwamen de Arabieren aan allerlei kruiden die inheems waren in Zuidoost Azië, zoals kaneel, kruidnagel, zwarte peper, kardemom en gember. Tijdens de kruistochten (1095-1291) vernauwde het contact tussen de westerse wereld en het Midden-Oosten. De Europese handelaren kwamen zodoende in contact met de kruiden.

Italiaanse handelsstaten

Innovatieve handelsstaten maakten dankbaar gebruik van de handelsroute. Italiaanse republieken als Genua en Venetië zetten tijdens de kruistochten handelsverbindingen op met Egypte, waar Arabische kooplui hun waren verkochten. De handel met het oosten leverde deze staten veel welvaart op en hoewel Genua en Venetië niet bijzonder groot waren, konden ze machtige legers op de been houden. In 1453 sloot het Ottomaanse rijk, dat de gebieden tussen de Middellandse Zee en de Indische Oceaan bezat, de handelsroute af. De handel tussen Europa en het oosten liep hierdoor tijdelijk vast.

Langs Kaap de Goede Hoop

In een poging om de handel met het oosten opnieuw op touw te zetten, vertrok de Portugese ontdekkingsreiziger Vasco da Gama in 1497 uit Lissabon om een zeeroute om het Afrikaanse continent heen te vinden. Hij was de eerste Europeaan die van Europa in één tocht naar India voer. Nadat verdere Europese ontdekkingsreizigers zoals Pedro Álvares Cabral en Alfonse du Albuquerque in de 16e eeuw eveneens de route gebruikten om het oosten te verkennen, werden de overzeese handelverbindingen tussen Europa en het Verre Oosten snel aangelegd. Doordat de verschillende Europese grootmachten koloniën stichtten in India, Indonesië en andere Aziatische landen, stortte de Arabische handel met Azië echter in.

De Verenigde Oost-Indische Compagnie

De Nederlanders waren een zeevarend volk waren en maakten dus ook gebruik van de zeeroute naar het oosten. In 1597 voer de eerste Nederlandse handelsvloot vanaf Texel naar ‘de Oost’. De handelaren kwamen met weinig handelswaren terug, maar de Republiek der Nederlanden stichtte desalniettemin een kolonie op Indonesië. In 1602 werd bovendien de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC) opgericht. Dit bedrijf werd een machtige handelsorganisatie, dat de specerijenhandel tussen de Indonesische eilanden en Nederland intensief vergrootte.

Invoer van producten

De handelsroute tussen Europa en de oostelijke koloniën zorgde ervoor dat allerlei metalen zoals goud, zilver, tin en koper de Europese markt bereikten. Ook zorgde de handelsroute voor een invoer van materialen die de oosterse cultuur eigen waren, zoals rijst, porselein en zijde. De belangrijkste handelswaren die vanuit het oosten binnenkwamen waren echter specerijen, waar de route zijn naam aan ontleent. De route leverde de Europeanen een grote verscheidenheid aan kruiden op zoals nootmuskaat, kruidnagel, peper, foelie en kaneel. Veel van deze kruiden waren voorheen onbekend in Europa en vielen goed in de smaak bij de Europese burgers. Daarnaast legden sommige koloniale landen plantages aan in hun koloniën om uitheemse planten zoals de koffieplant, de cocaplant of de tabaksplant te cultiveren.

Vasco da Gama

Vasco-da-Gama-9305736-1-402Portugese ontdekkingsreiziger. Leider van de voor zover bekend eerste Europese expeditie over zee naar India.

Vasco da Gama wordt in 1469 geboren in het Portugese dorpje Sines. In zijn jeugd verdiept hij zich in astronomie en navigatie en in 1492 wordt hij zeeofficier.

Op 8 juli 1497 vertrekt hij, met vier schepen en 118 bemanningsleden richting Kaap de Goede Hoop, het zuid-westelijkste punt van Afrika. Enkele jaren daarvoor heeft zijn landgenoot Bartolomeus Diaz deze kaap ontdekt.

Al enige tijd worden er door de Portugese koning expedities uitgezonden die een vaarroute naar India moeten vinden. Vasco da Gama vaart richting het zuid-westelijkste punt van Afrika maar buigt iets af naar het westen, waardoor hij op een afstand van ongeveer 1000 kilometer van Zuid-Amerika belandt. Hij is dan dichter bij dat continent dan hij in de buurt van Afrika is. Da Gama buigt hierna echter naar het oosten af en bereikt november 1497 Kaap de Goede Hoop.

Route van Vasco da Gama

Hierna volgt hij de oostkust van Afrika tot aan Malindi (Kenia). Vanaf dit punt krijgt de Portugees hulp. Een geleerde gids loodst de schepen van Vasco da Gama naar Calicut, een belangrijke doorvoerhaven voor veel Indiase producten. De ontdekkingsreiziger komt hier op 23 mei 1498 aan.

In India probeert Vasco da Gama handel te drijven, maar dit verloopt moeizaam, onder meer door tegenwerking van moslimhandelaren. Da Gama besluit uiteindelijk terug te gaan en komt in september 1499, met de helft van zijn oorspronkelijke bemanning terug in Portugal.

In 1502 vertrekt Vasco da Gama voor een tweede reis naar India. In de tussentijd heeft ook de Portugees Pedra Álvares Cabral al een Portugese expeditie naar India geleid waardoor dit de derde Portugese missie is. Ditmaal reist Da Gama met een vloot van twintig schepen af. Langs de kust van Afrika bezoekt hij verschillende dorpen die hij dwingt schatten af te staan door te dreigen met plundering en brandstichting. Berucht is zijn verovering van het schip de Meri waarop zich voornamelijk pelgrims bevinden die op weg zijn naar Mekka. Nadat het schip ontdaan is van kostbaarheden geeft Vasco da Gama opdracht het schip te laten zinken terwijl de ongeveer 300 bemanningsleden nog aan boord zijn.

In India probeert Vasco da Gama opnieuw handel te drijven in Calicut. Dit wordt echter opnieuw geweigerd waarna Da Gama de stad bombardeert en naar de Indiase stad Cochin trekt. Hier weet hij het wel voor elkaar te krijgen dat er handel gedreven kan worden. Een jaar later keert hij met een rijke lading huiswaarts.

In 1519 wordt Vasco da Gama graaf van Vidigueira en in 1524 de zesde onderkoning van Cochin. Hij trekt dat jaar naar de Indiase stad, onder meer om corruptie in de Portugese kolonie te bestrijden. Enkele maanden na aankomst overlijdt hij echter aan een onbekende ziekte. Hij wordt in Cochin begraven, maar zijn stoffelijk overschot wordt in 1539 teruggebracht naar Portugal waar hij wordt herbegraven in een tombe in Vidigueira.

MEER WETEN : http://nl.wikipedia.org/wiki/Conquistador_%28geschiedenis%29

Columbus

Landing_of_Columbus_(2)

Videoclips over dit onderwerp :

http://www.schooltv.nl/beeldbank/clippopup/20040130_columbus01
http://www.schooltv.nl/beeldbank/clippopup/20040130_columbus02
http://www.schooltv.nl/beeldbank/clippopup/20101213_columbus03

Al eeuwenlang dreven Europese kooplieden handel met het Verre Oosten. Met karavanen van paarden, wagens en kamelen. Rond 1450 gingen ze op zoek naar een route over zee. Columbus zocht een nieuwe route over de Atlantische Oceaan. In augustus 1492 begon zijn reis. Columbus ging op weg met drie schepen: de Nina, de Pinta, en de Santa Maria.
Hoe lang de reis zou duren, dat wisten Columbus en zijn bemanning niet. Daarom moest er veel voedsel mee aan boord. Iedere dag schreef Columbus in zijn scheepsjournaal. Dat is een soort dagboek waar hij de windrichting, de vaarrichting en de per dag afgelegde afstand in opschreef. Op deze manier kon hij de route goed onthouden. Op 12 oktober 1492 zag Columbus land. Dit is Indië, dacht Columbus. Ik heb een nieuwe weg naar Indië ontdekt.
Columbus ging aan wal. Hij gaf het eiland een naam: San Salvador. Dat betekent Heilige Verlosser. In maart 1493 keerde Columbus terug in Spanje. Hij werd enthousiast onthaald door koning Ferdinand en koningin Isabella. Ze waren blij met de nieuwe route naar Indië. Nu konden ze direct handel drijven met het Verre Oosten.Columbus maakte hierna nog veel meer reizen, tot hij in 1506 stierf. Hij heeft zijn hele leven gedacht dat hij een nieuwe route naar Indië had gevonden. Maar wij weten dat hij een nieuw continent had ontdekt, namelijk Amerika!

Per ongeluk aangekomen in Amerika

In de zomer van 1492 ligt Columbus met 3 schepen klaar voor een gevaarlijke reis. Een zeilreis richting het westen. Columbus en zijn mannen willen via het westen varen tot ze Indië zullen bereiken. Een reis die nog nooit iemand heeft aangedurfd.

In de tijd van Columbus wordt er in kostbare zijde, edelstenen, goud en specerijen gehandeld. Die producten komen vooral uit het verre oosten, uit Indië.

Nieuwe handelswegen

De handel gaat meestal over land, via Klein-Azië gaan de handelskaravanen naar Indië. Maar dat verandert als Turkse vorsten daar een stokje voor steken. Ze laten de Spaanse handelsreizigers niet altijd meer toe. De handel komt bijna stil te liggen. Spanje moet nieuwe handelswegen naar Azië vinden. Niet via land, maar via zee.

Richting Indië

Dat kan rondom het zuiden van Afrika naar het oosten, maar dat is een lange en gevaarlijke reis. Columbus denkt dat het ook via het westen kan. Zo’n reis is veel korter en als de aarde rond is kom je vanzelf in Indië aan.

De koningin betaalt

Maar zo’n reis is kost veel geld en dat kan Columbus niet betalen. Hij vraagt de koning en koningin van Spanje zijn reis te betalen. Koningin Isabella wil dat wel. Wat heeft ze te verliezen, zoveel kost het haar niet en stel dat het Columbus lukt. Een snelle route naar Indië, dat zou Spanje heel veel goud en andere waardevolle producten op kunnen leveren.

Een moeizame reis

En dus kan Columbus zijn reis . De reis verloopt moeizaam en hoewel ze de wind in de zeilen hebben is de bemanning gespannen. De schepen varen door onbekende wateren en misschien wel richting het einde van de wereld. Aan de reis lijkt geen einde te komen. De mannen hebben al ruim een maand geen land meer gezien. Het voedsel is bijna op, maar wat nog veel erger is, er is ook bijna geen drinkwater meer aan boord.

Land in zicht

Maar dan is er eindelijk land in zicht. Columbus heeft een eiland aan de kust van Indië bereikt. Ze ontmoeten de bewoners van het eiland, die hebben nog nooit een blanke gezien. Nieuwsgierig voelen ze aan hun huid en kleren. Columbus laat het gebeuren. Hij moet deze mensen te vriend houden. Zij moeten hem informatie geven over waar hij goud kan vinden.

Niet Indië, maar Amerika

Columbus weet het zeker. Hij heeft Indië bereikt. Hij noemt de bewoners dan ook Indianen, maar wat hij niet weet is dat hij bij een heel nieuw continent is aangekomen: Amerika.

De vier reizen van Columbus

130802_145738_columbusvoyages

Meer informatie

Ferdinand_van_Aragon

Koningin Isabella en koning Ferdinand van Spanje zijn in de 15e eeuw misschien wel de machtigste vorsten van de wereld. Ze zijn rijk geworden van veroveringen van landen en de handel in verre oorden.  Kostbare zijde, edelstenen, goud en specerijen halen ze overal vandaan, maar vooral uit Indië. Meestal gebeurt dat over land, via klein Azië ( het huidige Turkije ) naar Indië. Maar dat verandert als Turkse sultans daar een stokje voor steken. Ze laten de Spaanse handelsreizigers niet altijd meer toe. De handel komt bijna stil te liggen.  Spanje moet nieuwe handelswegen naar Azië vinden… niet via land, maar via zee. De Italiaanse zeevaarder Christoffer Columbus krijgt deze opdracht.  Hij heeft een idee. Hij wil Azie via het Westen proberen te bereiken. En dat heeft nog nooit iemand aangedurfd. Columbus is vol goede moed. Hij heeft koningin Isabella beloofd in 6 weken Indie te kunnen bereiken. Maar de reis verloopt moeizaam. Hoewel ze de wind in de zeilen hebben is de bemanning gespannen. De schepen varen door onbekende wateren en misschien wel richting het einde van de wereld…. En dan…., Columbus en zijn mannen turen over de oceanen. Ze zien vogels  Columbus geeft het bevel de koers te wijzigen en de vogels te volgen…..…..en na een paar uur is het zo ver….. ‘’land in zicht’’Na een lange reis van 2 maanden wordt zijn geduld dan eindelijk beloond…. Columbus weet het zeker. Hij heeft een eiland aan de kust van Indië bereikt. Hij heeft het gehaald, Indië via het westen. De drie schepen gaan voor anker en een aantal mannen roeit voorzichtig richting de kust. Columbus is opgelucht. Sinds hij uit Europa is vertrokken heeft hij een lange reis afgelegd.  Een reis waar geen eind aan leek te komen…. maar nu staat hij aan land.  Hij is op één van de eilanden bij Indië aangekomen. Tenminste dat denkt hij,  want wat hij niet weet is dat hij bij een heel nieuw continent is aangekomen….. Amerika . En Indie ligt nog een oceaan verder naar het Westen. Columbus heeft Indie nooit bereikt, maar veel belangrijker… hij heeft Amerika ontdekt.

De VOC 1602 – 1799

Mauritius, Hollandia en Amsterdam, zo heetten de drie koopvaarders die met het kleine jacht Duyfken op 2 april 1595 vanaf Texel naar ‘de Oost’ vertrokken. Het werd een spannend avontuur; drie van de vier schepen en slechts 87 van de 249 bemanningsleden keerden in augustus 1597 terug. De opbrengst was matig. Toch was deze ‘eerste Nederlandse schipvaart’ naar Azië een succes, want ze had de handelsroute naar de Oost geopend.

Andere reizen volgden. Al snel overtroefden de kooplieden van Zeeland en Holland met hun sterke en zwaar bewapende koopvaarders de Portugezen die de route al langer kenden, en maakten ze de Engelsen jaloers. Rijk beladen met koloniale waar, zoals peper en nootmuskaat, keerden hun schepen terug. Om onderlinge concurrentie in te dammen, nam Johan van Oldenbarnevelt het initiatief tot de oprichting van de Verenigde Oostindische Compagnie (VOC). Op 20 maart 1602 verkreeg deze compagnie het Nederlandse monopolie op alle handel in de Aziatische wateren vanaf Kaap de Goede Hoop. In naam van de Republiek mocht de compagnie verdragen sluiten, oorlogen voeren en veroverde gebieden besturen.

De VOC ontwikkelde zich tot een geduchte macht. ‘Hier kan iets groots verricht worden’, schreef Jan Pieterszoon Coen aan de Heren XVII, het VOC-bestuur in het verre vaderland. Hij veroverde in 1619 de stad Jayakarta en stichtte er Batavia. Coen schreef dat ‘Jacatra de treffelycxte plaetse van gansch Indien’ zou worden en dat de reputatie van de Nederlanders door de verovering was gestegen. ‘Nu sal elckeen soeken onse vrient te wesen’. Delen van Java werden bezet, Ambon en Ternate in de Molukken werden onderworpen, en de bevolking gedwongen om specerijen te verbouwen. Ook elders in Azië kreeg de VOC met overreding of geweld voet aan de grond. Er werden forten gebouwd in Zuid-Afrika, India, in Ceylon (Sri Lanka) en Makassar. China werd aangedaan, en toen de Shogun van Japan in 1641 zijn land sloot voor buitenlanders, kreeg de VOC als enige toestemming om vanaf het eilandje Decima bij Nagasaki handel te blijven drijven.

Zo vulde de VOC niet alleen de Nederlandse pakhuizen met koloniale waar en de huizen van de burgers met curiosa uit een vreemde wereld, maar speelde zij ook een belangrijke handelsrol binnen Azië. Textiel, specerijen, koffie, thee, tabak, opium, tropische houtsoorten, ijzer, koper, zilver, goud, porselein, verfstoffen, schelpen – een eindeloze variatie aan goederen werd op de Oost-Indiëvaarders vervoerd.

De VOC werd in 1799, in de Franse tijd, opgeheven. Vandaag de dag worden de archieven van de VOC beschouwd als werelderfgoed (memory of the world). De dagrapporten van de opperkooplieden die de handel organiseerden vanuit de forten, de verslagen van de hofreizen van de VOC-dienaren naar de heersers met wie handel werd gedreven, de lastbrieven van de schepen… met elkaar bieden ze een belangrijke bron voor twee eeuwen Aziatisch-Europese geschiedenis.